Patiënt krijgt meer invloed op zorg
‘Om de kwaliteit van onze dienstverlening te verbeteren, vragen we u mee te werken aan…’ Die zin horen en lezen we geregeld. Waarom eigenlijk niet voor de zorg? U betaalt zorgpremie en ontvangt de zorg als u ziek bent of een aandoening hebt. Is het dan niet logisch dat u ook aan mag geven wat u daarin belangrijk vindt?
Dat vinden de patiëntenorganisaties die deelnemen aan het programma Kwaliteit in Zicht (KIZ) ook. Zij willen daarin graag faciliteren. Samen stellen zij daartoe kwaliteitscriteria op waaraan ze vinden dat goede zorg moet voldoen, zoals over toegankelijkheid, veiligheid en emotionele ondersteuning. Dat doen zij met hun achterban.
Aan de slag
Bijvoorbeeld voor die patiënten die alle onderzoeken graag op een dag willen laten plaatsvinden in plaats van vaker terug te moeten komen. Of de patiënt met artrose die binnen drie weken na verwijzing ook terecht wil kunnen bij de medisch specialist. Die verder behoefte heeft aan een vast aanspreekpunt, bij wie hij met al zijn vragen terecht kan. Net als de jongere met diabetes. Die patiënt, dat kunnen we helaas allemaal zijn of worden. Gelukkig gaat er dan in de gezondheidszorg in Nederland een heleboel goed. Er is echter ook nog veel ruimte voor verbetering. Daarmee wil het programma Kwaliteit in Zicht, samen met de zorgverzekeraars en de zorgaanbieders, aan de slag.
In 5 stappen beter
Kwaliteitscriteria Artrosezorg
Om kwaliteitscriteria voor artrose vanuit het perspectief van de patient te kunenn formuleren, heeft de Reumapatientenbond geinventeariseerd wat mensen met artrose belangrijk vinden in de zorg. Hieronder de top 10.
Top 10 artrosezorg
1. De hoofdbehandelaar (vaak de huisarts) erkent de aandoening artrose, neemt de klachten van de artrosepatiënt serieus en geeft de artrosepatiënt voorlichting over mogelijkheden op het gebied van behandelingen en ondersteuning/advies.
2. De medisch specialist heeft voldoende kennis en deskundigheid over artrose om artrose vast te kunnen stellen danwel uit te sluiten.
3. De artrosepatiënt heeft vrije keuze van zorgaanbieder, hiermee wordt zowel de zorginstelling als de (individuele) zorgverlener bedoeld.
4. Behandeling en begeleiding bij artrosezorg is gericht op alle gewrichten, niet alleen op het op dat moment aangedane gewricht. Daarnaast wordt door de zorgverleners rekening gehouden met het chronische karakter van artrose.
5. De behandelend arts adviseert de artrosepatiënt en stuurt een artrosepatiënt eventueel door naar een orthopedisch chirurg wanneer er mogelijk sprake is van toename kwaliteit van leven bij een operatie, ongeacht de leeftijd van de artrosepatiënt.
6. De fysiotherapeut of oefentherapeut Cesar of Mensendieck leert de artrosepatiënt indien mogelijk beweegoefeningen die de artrosepatiënt zelf thuis kan uitvoeren.
7. De behandelend arts en apotheker is alert op de veiligheid bij gebruik van meerdere medicijnen tegelijkertijd.
8. De zorgverlener luistert naar de artrosepatiënt en neemt hier voldoende tijd voor.
9. De artrosepatiënt wordt respectvol bejegend door betrokken zorgverleners.
10. De artrosepatiënt krijgt voldoende informatie over zorg- en behandelmogelijkheden om (mee) te kunnen beslissen over de zorg en behandeling.




.jpg)

.jpg)
(1).jpg)




